hyperNaar schatting een op de honderd Nederlanders heeft last van overmatig zweten. We praten dan niet over zweten tijdens een zware inspanning, sport of seks, maar overmatig zweten, ook in rust. De aandoening heet hyperhidrosis en is met name heel belastend op het sociaal maatschappelijke vlak. Mensen die hier last van hebben generen zich en mijden de openbaarheid. Overmatig zweten wordt vaak ten onrechte in verband gebracht met slechte hygiëne. Het blijkt dat mensen met hyperhidrosis een lagere kwaliteit van leven ervaren dan bijvoorbeeld psoriasispatiënten. De website van de patiëntenvereniging (www.overmatigzweten.nl)  registreert rond de 600.000 hits per maand op Google (waarvan 20.000 unieke bezoekers). Dit laat zien dat erg veel mensen op zoek zijn naar informatie over het onderwerp en er op de een of andere manier bij betrokken zijn. De patiëntenvereniging zelf telt 2500 leden, waarvan er maar 50 daadwerkelijk actief zijn.
Hyperhidrosis Expertisecentrum
Met deze cijfers opent dermatoloog Noor van Oosten van het Meander Medisch Centrum in Amersfoort het minisymposium, dat op 10 februari van dit jaar door de afdeling dermatologie van het ziekenhuis werd georganiseerd. Aanleiding was de aftrap van een multidisciplinair expertisecentrum voor de behandeling van hyperhidrosis in dit ziekenhuis. In haar introductie over de aandoening legt ze uit  dat de hele kleine groep actieve leden van de patiëntenvereniging een aanwijzing is voor de grote schaamte rond het onderwerp. Daarnaast blijkt dat voor hyperhidrosis patiënten vergoedingen een probleem vormen. Behandelingen die vergoed worden (botox behandelingen bij langdurige infecties als gevolg van overmatig zweten en botox behandelingen bij een kapotte huid na langdurig overmatig zweten) worden niet of nauwelijks uitgevoerd. Overige behandelingen vallen nog steeds buiten de vergoeding en zijn dus voor rekening van de patiënt.

Onder de naam Hyperhidrosis Expertisecentrum Meander Medisch Centrum werken sinds kort dermatologen samen met een thoraxchirurg, een internist‐endocrinoloog, een medisch psycholoog en een apotheker. Zij worden hierbij ondersteund door Wim Venema, dermatoloog en medisch adviseur van de Nederlandse Hyperhidrosis Patiëntenvereniging. Een dergelijk uitgebreide multidisciplinaire benadering is nieuw voor Nederland.
Lees het volledige artikel in NTVH 3, maart 2018.

huiddagJaarlijkse huiddag aan De Haagse Hogeschool
Door: Marie Anne Lassing

Op 13 februari van dit jaar vond  de jaarlijkse huiddag weer plaats aan De Haagse Hogeschool (HHS). Op deze dag-  een voortvloeisel uit de vroegere Product Informatie Markt (PIM) voor studenten Huidtherapie- staan ontwikkelingen op het gebied van de huidzorg centraal. Ook belangstellenden uit het werkveld van de huidtherapie nemen deel aan de huiddag. Zij ontmoeten elkaar in de centrale hal waar bedrijven hun huidzorg producten en diensten presenteren en delen hun kennis met studenten tijdens de plenaire lezingen. Het organisatieteam, dat bestaat uit docenten Tessa de Visser, Douwina van Peppel en Els van der Kleij, stelde voor deze dag een afwisselend programma samen, gebaseerd op de onderwerpen die op dit moment actueel zijn binnen de onderzoekslijn van de HHS.
NVH Kennisagenda

Hoofddocent Dr. Mark Vondenhoff opent de dag met een update over de Kennisagenda NVH.
In de zomer van 2017 heeft de overheid, bij monde van toenmalig minister van VWS,  Edith Schippers, samen met patiënten, zorgverleners en zorgverzekeraars een hoofdlijnenakkoord paramedische zorg 2017-2018 gesloten. Hierin spreken betrokken partijen uit een bijdrage te leveren aan de continue verbetering van de paramedische zorg en aan de beheersbaarheid van de zorgkosten. Het akkoord moet de waarde van paramedische zorg merkbaar, zichtbaar en toetsbaar maken, voor zowel de patiënt als voor de maatschappij. Voor de huidtherapie betekent dit dat er onderzoek moet worden gedaan, waarmee het handelen van de huidtherapeut wordt onderbouwd en toetsbaar kan worden. De nadruk ligt op het nut van een behandeling voor de patiënt, in relatie tot de kosten van de behandeling. In de toelichting op dit akkoord benadrukt  Mark Vondenhoff dat dit geen gemakkelijke taak is voor een relatief kleine beroepsgroep met een zo breed behandelpalet als dat van de huidtherapie.
Om een beeld van de kennisbehoeften te krijgen worden er binnen de paramedische zorg zogenaamde paraplu-agenda’s gemaakt. In multidisciplinaire groepen bepalen verschillende paramedische specialismen van welke gebieden binnen het behandelspectrum onvoldoende kennis is om deze goed te kunnen onderbouwen.

Lees het volledige artikel in NTVH 3, maart 2018